OESO prijst Nederlandse wijkgerichte aanpak warmtetransitie

12-04-2023
1738 keer bekeken

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) heeft op 6 april het rapport 'Decarbonising Homes in Cities in the Netherlands: A Neighbourhood Approach' gepubliceerd. Hierin staat de Nederlandse wijkgerichte aanpak centraal, met name de lessons learned vanuit de proeftuinen.

Samen met de Rijksoverheid zetten gemeenten diverse beleidsinstrumenten in om woningen aardgasvrij te maken, waaronder de wijkaanpak in 66 proeftuinen aardgasvrije wijken. Om de CO2-vrij praktijken op een meer gedetailleerde manier beter te begrijpen, heeft de OESO in september 2022 een onderzoek uitgevoerd naar de uitdagingen en kansen voor het aardgasvrij maken van woningen in Nederlandse gemeenten. De resultaten van dit onderzoek en de OESO-checklist voor publieke actie om gebouwen in steden en regio's koolstofarm te maken (OESO, 2022) hebben vervolgens gediend als raamwerk voor het analyseren van het beleid voor het koolstofvrij maken van gebouwen, zowel op nationaal als op lokaal niveau in Nederland. Het resultaat hiervan is het rapport rapport ‘Decarbonising Homes in Cities in the Netherlands: A Neighbourhood Approach’.

Lees hier het rapport

In het rapport wordt het beleid dat Nederland heeft gevoerd om bestaande woningen aardgasvrij te maken op nationaal en lokaal niveau onder de loep genomen. Het rapport is lovend over de wijkgerichte aanpak en bevat aanbevelingen. De OESO-checklist voor Public Action (2022, OESO syntheserapport Decarbonising Buildings in Cities en Regio's) dient daarbij als basis.

Webinar

De publicatie van het rapport werd voorafgegaan door een internationaal webinar met ruim 250 deelnemers uit allerlei landen, van Japan tot Frankrijk tot Amerika. In het webinar werd onder andere teruggeblikt op het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) van waaruit de proeftuinen zijn ontstaan. Ook werd vooruitgeblikt op de rol van het NPLW in het opschalen en versnellen van de warmtetransitie. Het webinar is in onderstaande video terug te kijken.

Lessons learned uit proeftuinen

Chris Kuijpers (ministerie BZK, directeur-generaal Volkshuisvesting en Bouwen) beet de spits af met een toespraak. Hij noemde het renoveren van zo’n 1,5 miljoen huizen voor 2030 een grote uitdaging. Hij is trots dat de Nederlandse case study door de OESO wordt gebruikt als internationaal voorbeeld om van te leren. “Wij kiezen voor een wijkaanpak, want gemeenten zijn als beste in staat op lokaal niveau de warmtetransitie uit te voeren. Als nationale beleidsmakers hebben wij niet de lokale kennis die belangrijk is om het lokaal te laten slagen. De lessen die we hebben geleerd van de 66 proeftuinen delen we nu met andere gemeenten. Dit is ook het moment dat we willen opschalen en versnellen. Om de gemeenten in dit proces te ondersteunen is het Nationale Programma Lokale Warmtetransitie in het leven geroepen afgelopen in januari.

Opschalen en versnellen

NPLW-directeur Maureen van Eijk legt in haar presentatie de rol van het NPLW uit. “Het NPLW werkt voor alle gemeenten in Nederland. Vele zijn nog lang niet zo ver als de 66 proeftuinen. Om te zien waar ze staan en waar hun behoefte ligt, hebben we hebben we ruim 250 van de circa 350 gemeenten bezocht en hen gevraagd wat ze nodig hebben om op te schalen en te versnellen. Het doel van het NPLW is alle gemeenten te ondersteunen in hun regierol om de doelen voor 2030 te halen, te weten het isoleren en aardgasvrij maken van 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen.”.

Regionale synergie

NPLW-directeur Van Eijk vertelt verder over het belang van samenwerking en synergie op regionaal niveau. Er wordt nog vrij veel gefragmenteerd gewerkt en in deze krappe arbeidsmarkt kunnen gemeenten ook elkaars concurrenten zijn. Door beter samen te werken kunnen een aantal projecten gezamenlijk worden ontwikkeld en aanbesteed. Dat scheelt voor iedereen bovendien tijd en geld.  worden opgeschaald en synergievoordelen worden behaald.

Paneldiscussie

De presentaties tijdens het webinar werden opgevolgd een paneldiscussie. Het panel bestond uit een internationaal gezelschap van experts. De vraag ‘Hoe kunnen we de lokale acties starten, opschalen en versnellen?’ werd vanuit de verschillende perspectieven van de panelleden beantwoord. Rode draad: samenwerken op wijkniveau is essentieel. Een lokale aanpak betekent actieve buurtteams opzetten, de inwoners centraal stellen, in de communicatie aansluiten op wat voor hen belangrijk is. De aanpak naar aardgasvrij is niet alleen een technische en organisatorische opgave, maar vooral ook een sociale opgave. Een goed participatieproces met bewoners kost tijd, maar is succesvol en zorgt voor draagvlak.

Klik hier voor de OESO-pagina over het onderzoek, het webinar en de bijgaande documenten   

Aan het panel namen deel: Takeshi Miyamori (OESO, senior beleidsanalist), Robert Dijksterhuis (Ministerie BZK, gezant Duurzaam Bouwen), Julia Sondermeijer (NPLW programmamanager), Takashi Imamura (Japan, adviseur voor bouwregelgeving Huisvestingsbureau, ministerie van Land, Infrastructuur, Transport en Toerisme), Lydia Hameeteman (Rotterdam, duurzaamheidsadviseur en programmamanager), Merel Toussaint (gemeente Leusden, projectleider Wijkwarmteplannen), Frankie Downy (C40 Cities Climate Leadership Group, manager Energie en Gebouwen), Aziza Akhmouch (panel moderator, OESO, hoofd van de afdeling Steden, Stedelijk Beleid en Duurzame Ontwikkeling).

Afbeeldingen

X (voorheen Twitter)

Cookie-instellingen